Terug naar alle soorten.

Zandhagedis (Lacerta agilis)

Soort
Het mannetje Zandhagedis is in het voorjaar (april-mei) goed te herkennen aan de felgroene kleur. Later in het seizoen verdwijnt de felle kleur. Vrouwtjes zijn bruin.




Waarnemingen
De verspreidingskaart is gebaseerd op waarnemingen van G.A.H. Prins. de kaart is nog niet volledig.

Verspreiding
De Zandhagedis is in de verspreiding, méér dan de Levendbarende hagedis, beperkt tot droge heidevelden. De Zandhagedis is minder algemeen dan de Levendbarende hagedis en ook de minst wijd verbreide van de twee hagedissoorten.

Waarschijnlijk komt de zandhagedis niet alleen op heidevelden voor, maar ook hier en daar voor langs open bospaden. Duidelijk is ook dat de zandhagedis niet op alle heideterreinen is aangetroffen. Dit kan er op duiden dat er sprake is van geisoleerde populaties. Mogelijk is dat een reëel beeld, de zandhagedis is wat kritischer dan de levendbarende hagedis. de verspreiding van de zandhagedis moet verder worden onderzocht.

Ecologie
De zandhagedis legt eieren in open zand. Zandige terreindelen zijn dus van groot belang voor de zandhagedis. Op en langs heidevelden zijn dit vaak de ruiterpaden of de randen van een brede zandweg (zon beschenen, rul zand). De zandhagedis komt mogelijk midden in sommige eentonige heideterreinen niet of minder voor. Een inventarisatie vanaf de wegen kan een (te) rooskleurig beeld geven van het voorkomen, dat niet voor het hele heideveld representatief hoeft te zijn.


Bijzonderheden
Het dichtgroeien of dicht laten groeien van zandpaden is voor de zandhagedis over het algemeen niet gunstig. Een te intensief beheer van de zandweg met de wegenschaaf is ook ongunstig, net als de aanleg van betonnen fietspaden. Het zijn juist de randen van de paden waar de zandhagedis zich voortplant in het rulle zand.

Uw browser ondersteunt geen Google Maps, of uw JavaScript staat uit.