Gebiedsbeschrijving
De Veesserwaarden liggen ten zuiden van Veessen, aan de westkant van de IJssel. Het gebied is ruim 41 ha groot, het water van de IJssel niet meegerekend. De uiterwaard omvat grasland, open water, natte vegetaties, tamelijk droog rietland met overjarig riet en een kleine oppervlakte wilgenstruweel en zachthoutooibos. Het gebied wordt beheerd door Het Geldersch Landschap.

Onderzoek
Met 15 bezoeken, waarvan vier vroege ochtend- en twee avondbezoeken is het gebied in de periode maart-juni 2002 geïnventariseerd op broedvogels. De telintensiteit bedraagt 43 minuten per ha.

Broedvogels
In de Veesserwaarden zijn 48 soorten broedvogels vastgesteld met in totaal 321 territoria. De broedvogeldichtheid bedraagt 78 territoria per 10 ha. Buiten de Veesserwaarden zijn 53 soorten vastgesteld met 198 territoria. Het totaal aantal soorten broedvogels komt hiermee op 68.

Het water en rietland herbergt typische moerasvogels zoals zomertaling, slobeend, waterral, blauwborst, snor en rietgors. In het zachthoutooibos zit een matkop. Het grasland was in mei 2002 het domein van één kwartelkoning en zes gele kwikstaarten.

De top 5 wordt gevormd door kleine karekiet (55), wilde eend (33), rietgors (26), meerkoet (25), en bosrietzanger (24). De grauwe gans telt mee met 14 broedparen, afgaande op het aantal gevonden nesten. Medio maart 2002 waren méér dan 100 vogels aanwezig, merendeels gepaard, maar dit aantal kelderde medio april tot enkele tientallen vogels. Het broedsucces was gering.


Rode Lijst en Natura 2000
Zomertaling, slobeend, kwartelkoning, koekoek, gele kwikstaart, snor, matkop, ringmus en kneu staan op de Rode Lijst, buiten het gebied ook zomertortel, huiszwaluw, spotvogel, grauwe vliegenvanger en huismus. De kwartelkoning, blauwborst en snor, buiten het gebied de ijsvogel, zijn doelsoort van Natura2000.

Aanbevelingen voor beheer
Spontane bosontwikkeling nastreven voor zachthoutooibos. Grasland laat maaien en naweiden. In 2002 is het broedbiotoop van kwartelkoning en gele kwikstaart vernietigd door al eind mei te maaien. Het blijkt ook in de jaren erna dat Het Geldersch Landschap steevast al in mei grasland maait, wat voor een natuurgebied te vroeg is. Het zachthoutooibos, waarin zich inmiddels een kleine bonte specht had gevestigd, is juist in de winter 2010/2011 volledig gekapt.

Overige bijzonderheden
Het gebied heeft buiten het broedseizoen vooral bij hoog water betekenis als pleisterplaats en slaapplaats van watervogels. In het riet slapen kwikstaarten, piepers en boerenzwaluwen.

In 1982 zijn de Veesserwaarden ook op broedvogels geteld. Vele soorten zijn sindsdien nieuw. Verdwenen zijn sinds 1982 onder meer kuifeend, kievit, grutto, tureluur, veldleeuwerik en rietzanger. Van ver vóór 1982 is ook bekend dat vogels als roerdomp, woudaap, watersnip, zwarte stern en grote karekiet tot de broedvogels behoorden. Kwalitatief is de vogelrijkdom van de Veesserwaarden de laatste decennia erg achteruit gegaan.
De gebiedsbegrenzing van Veesserwaarden (2002)